Middelbaar

Algemeen secundair onderwijs. Een brede kijk op de wereld!

Algemeen onderwijs. Alomvattend, breed. Dat zien we heel ruim in de steinerschool. Het gaat niet alleen om wiskunde en wetenschappen, geschiedenis en talen. Het betekent ook ruimte maken voor kunstzinnige activiteiten en ervaringsgericht werken met de handen.

Waarom we dat doen? Het doel van de middelbare steinerschool is om jonge mensen te begeleiden om hun eigen weg te ontdekken en de competenties te verwerven om die te realiseren. De steinerscholen kiezen ervoor dat ook de ingenieurs van morgen met beide voeten in de wereld staan. Net zo goed als de sociaalwerkers van de toekomst de wetenschap moeten begrijpen.

Dat betekent dat leerlingen met verschillende interesses en talenten samen in de klas zitten. Wat aanleiding geeft tot onverwachte synergieën. Het zorgt voor uitwisseling van ideeën tussen de leerlingen zelf. De wiskundig getalenteerde scholier en de taalkundig of sociaal aangelegde leerling vinden elkaar. De leraar probeert om de leerling uit te dagen in dat gebied waarin deze laatste goed is.

Concreet betekent dit dat de lat voor de ene leerling op bepaalde gebieden hoger zal liggen, dan voor een ander. Maar altijd waken de leraren erover, dat elke leerling de eindtermen bereikt.

Bleri Lleshi, lezing met workshop individualiteit versus algemeen belang

Ervaringsweken, de wereld in de praktijk

Leren van en over het leven gebeurt best in het leven zelf. Daarom organiseren de middelbare steinerscholen ervaringsgerichte extra-muros weken. De jongeren trekken erop uit om verschillende maatschappelijk gerichte activiteiten te beleven: de land- en tuinbouwsector, de kleinhandel en de verzorgende en/of dienstverlenende sector. Door deze praktijkweken leren de jongeren sociaal-economische aspecten van onze maatschappij niet alleen vanuit kennis te beoordelen, maar ook vanuit ervaring en waardering. Tegelijk kan deze beleving meespelen in hun latere studie- of beroepskeuze. Dankzij deze stages vergroten de leerlingen bovendien hun zelfredzaamheid, doorzettingsvermogen en verantwoordelijkheid. Ze zoeken immers op eigen houtje de practicumplaats en maken de nodige afspraken. Hun individuele praktijkervaring verwerken ze in een persoonlijk practicumportfolio. Naast de individuele ervaringsweken zijn er ook nog de klassikale extra-murosweken zoals een bosbouwweek, zeilreis of topografieweek. Tijdens deze gezamenlijke weken worden kennis en theorie in praktijk gebracht. Dit is ook de context bij uitstek om veel aandacht te besteden aan sociale groepsprocessen en intermenselijke relaties.

Projectieve meetkunde

Kunstzinnige en praktische vorming

Kunstzinnige en praktische vakken zijn niet weg te denken uit de steinerschool. Ze kaderen in de brede vorming die de leerlingen aangeboden krijgen. Het zuiver cognitieve denken wordt afgewisseld met ambachtelijk en kunstzinnig handenwerk zoals beeldhouwen of koperslagen. De leerlingen tonen hier hun creativiteit, maar ontwikkelen ook doorzettingsvermogen en esthetisch oordelen. Daarnaast zijn ook muziek en toneel vaste waarden in de steinerschool. Het zijn stuk voor stuk momenten waarop leerlingen op een andere manier leren, maar ook andere kwaliteiten verwerven of verstevigen. Al deze vakken stimuleren de creativiteit en dragen bij tot de vorming van een evenwichtige persoonlijkheid. Hiertoe is het werken in projectweken een enorme troef, zoals deze van Wilde Buffels! in het Permekemuseum.

Modulair leren

Net zoals in de lagere school wordt ook in de middelbare school de leerstof van een aantal vakken in periodes van een drietal weken aangeboden. Zo is het mogelijk om zeer intensief met een vak bezig te zijn en de behandelde leerstof grondig uit te diepen. Een probaat middel tegen versnippering: de samenhang tussen verschillende onderwerpen van een vak wordt zo veel duidelijker en zal veel meer beklijven. En het bevordert het concentratievermogen aanzienlijk. De leerlingen ervaren op korte termijn dat ze hun competenties hebben uitgebreid. En dat werkt motiverend! De jongere voelt zich uitgedaagd om zijn kennis te vergroten en vaardigheden aan te scherpen.

De leerstof van de verschillende periodes verwerkt de leerling in een periodeschrift. Hij vat er de leerstof in samen, schrijft notities uit, maakt proefbeschrijvingen, zorgt voor kunstzinnige illustraties. Het periodeschrift is een uitstekend instrument voor persoonlijke verdieping van de leerstof. Met een periodetoets of portfoliowerk wordt de periode doorgaans afgesloten. Het is de eindevaluatie van het vak.

Periodeschrift biologie

Eindwerk als spiegel van eigen kunnen

Met hun eindwerk laten leerlingen aan het einde van hun schoolloopbaan zien waartoe ze in staat zijn. Tijdens de twee laatste jaren van de secundaire school werken alle leerlingen aan een eindwerk onder begeleiding van een mentor – meestal een leraar maar soms ook een ouder of buitenstaander. Zo’n eindwerk bestaat uit een praktisch en een theoretisch deel. Kiest een leerling bijvoorbeeld theater als eindwerk, dan presenteert hij zowel een eigen geschreven stuk of geregisseerde productie als een theoretisch onderzoek over theater. In hun eindwerken tonen de leerlingen hun meesterschap. Tegelijk zijn deze werkstukken dikwijls een voorafspiegeling van wat ze later in het leven willen bereiken.

Login